06 april 2022 | 4 min.

Actuele situatie in de landbouw

Hoger gemiddeld inkomen akkerbouw- en melkveebedrijven in 2021
Het gemiddelde inkomen uit bedrijf in 2021 is voor de akkerbouw geraamd op 66.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid (aje), 35.000 euro meer dan in 2020 (figuur 3). De spreiding in de geraamde inkomens is groot. Zo heeft een op de vijf bedrijven een inkomen van minder dan 9.000 euro per onbetaalde aje, en een even grote groep meer dan 100.000 euro per onbetaalde aje. Het inkomen in 2021 van melkveebedrijven is geraamd op 32.000 euro per onbetaalde aje, 6.000 euro meer dan in 2020. Ook hiervoor geldt dat de spreiding rond het gemiddelde groot is.

Figuur 3 Inkomen Q4 2021

Figuur 3 Inkomen (1.000 euro) uit bedrijf per onbetaalde arbeidsjaareenheid (aje), 2001-2021

(v) Voorlopig; (r) Raming (maart 2022).

Bron: Wageningen Economic Research.

 

Aardappelmarkt gekanteld
Het hogere inkomen in de akkerbouw is te danken aan het gestegen prijsniveau van de gewassen. In 2020 daalde de prijs van consumptieaardappelen naar een dieptepunt als gevolg van de coronacrisis (figuur 4). Horeca en fastfoodrestaurants werden gesloten om coronabesmettingen te voorkomen. In 2021 werden minder consumptieaardappelen gepoot: 71.400 ha, 7% lager dan het voorafgaande seizoen. De groeiomstandigheden leidden tot normale opbrengsten, maar ook tot kwaliteitsproblemen en een groter risico op rot tijdens de bewaring. Medio november waren vrijwel alle aardappelen geoogst. De totale consumptieaardappeloogst bedroeg 3,3 miljoen ton, 6% minder dan het jaar ervoor. De weer toegenomen wereldwijde vraag door het heropenen van horeca en fastfood leidde tot een grote vraag naar aardappelproducten. Daarmee is de aardappelmarkt gekanteld. De industrie verhoogde tussentijds de contractprijzen voor het komende seizoen (2022-2023), ook omdat telers geconfronteerd worden met hogere kosten voor gewasbescherming en bewaring. Daarnaast maken de gestegen graanprijzen de teelt van graan tot een aantrekkelijker alternatief.

Figuur 4 Prijzen Q4 2021

Figuur 4

Prijzen af boerderij a (euro/100 kg, exclusief btw) enkele akkerbouwgewassen, 2020-2022 (t/m februari)

a Enkele ontbrekende prijzen in de maanden juni en juli zijn geïnterpoleerd.

Bron: Wageningen Economic Research.

 

Oplopende tarweprijs
Wereldwijd is er een grote vraag naar tarwe, onder andere vanuit China, terwijl de voorraden krap zijn. De telersprijs voor tarwe is geleidelijk opgelopen. Er waren tegenvallende groeiomstandigheden in diverse teeltregio’s. De Russische inval in Oekraïne heeft recent geleid tot extra prijsverhoging. De sterk gestegen energie- en brandstofprijzen spelen ook een rol in de oplopende tarweprijs.

Sterke stijging kosten mest- en brandstoffen
De gemiddelde kosten van mest- en brandstoffen op akkerbouwbedrijven zijn volgens de raming gestegen van 25.400 euro in 2020 tot 30.300 euro in 2021 (+19%). De totale betaalde kosten en afschrijvingen stegen van 283.800 euro tot 294.400 euro (+4%). Het aandeel van de mest- en brandstoffen nam toe van 8,9% tot 10,3%. Zoals het er nu naar uitziet zullen de betreffende kosten in 2022 verder oplopen (figuur 5).

Figuur 5 Prijsindicatie Q4 2021

Figuur 5 Prijsindices (2020=100) van enkele agrarische productiemiddelen, 2020-2022 (t/m februari)

Bron: Wageningen Economic Research.

Melkprijs fors omhoog
De melkprijs is het afgelopen jaar voortdurend opgelopen: van ruim 34 euro begin 2021 naar 44,5 euro per 100 kg in januari 2022 (figuur 6). Dankzij de prijsstijging is het saldo van het gestandaardiseerde melkveebedrijf in deze maand uitgekomen op 23.200 euro, 46% hoger dan dezelfde maand in 2021 en 21% boven het tienjarig gemiddelde van deze maand (figuur 7).

De gemiddelde melkproductie per bedrijf nam in 2021 nauwelijks toe ten opzichte van 2020 (+0,4%). Weliswaar steeg het aantal melkkoeien per bedrijf met 1,5%, maar de melkproductie per koe daalde met 1%.

Figuur 6 Melkprijs Q4 2021

Figuur 6 Melkprijs af boerderij (euro/100kg, exclusief btw), 2020-2022 (t/m februari)

Bron: Wageningen Economic Research.

Figuur 7Maandsaldo Q4 2021

Figuur 7 Maandsaldo (euro/bedrijf) gestandaardiseerd melkveebedrijf, 2020-2022 (t/m januari)

Bron: Wageningen Economic Research

Hogere kosten veevoer, mest- en brandstoffen
In 2021 namen de totale kosten volgens de raming toe met 42.000 euro per bedrijf, door hogere voer-, kunstmest- en energieprijzen. Ook de materiële kosten zoals die van machines, werktuigen en gebouwen liepen op, mede door hogere onderhoudskosten en meer kosten vanwege de grotere hoeveelheid eigen gewonnen ruwvoer. De gemiddelde kosten van veevoer, mest- en brandstoffen stegen van 123.600 euro in 2020 tot 146.800 euro in 2021 (+19%). De totale betaalde kosten en afschrijvingen stegen van 376.400 euro tot 418.600 euro (+11%). Het aandeel van veevoer, mest- en brandstoffen nam toe van 32,8% tot 35,1%. Veevoer is veruit de grootste post van de drie: 106.500 euro in 2020 (28% van de betaalde kosten en afschrijvingen) en 123.700 euro in 2021 (30%).